Ik ben heel aantrekkelijk En beslist niet dom Maar waarom wil jij nooit Dat ik aan je kom
Ja, je hebt gelijk Je hebt een mooie kop Maar steeds als ik naar bed ga Dan sta jij pas op
refr.: Twee handen op een buik Twee vissen in een fuik Twee spinnen in een web Is het echt of is het nep In een stapelbedje is bepaald geen pretje Twee katten in het nauw Toch, toch wil jou
Tegenpolen, we blijven altijd tegenpolen
Ik mag er best wel wezen Dat zegt toch iedereen Maar waarom loop jij altijd Met een boogje om me heen
Wil ik voor je koken Haal jij liever Chinees En zeur je aan mijn kop Als ik de roddels lees