refr.: "Coentje, Coentje, Coentje" Brult het legioen Coentje, Coentje, Coentje Gaat nu met pensioen Coentje, Coentje, Coentje Niks meer aan te doen Coentje, Coentje, Coentje Blijft mijn kampioen
Zo een goeie hebben wij nog niet gehad
Hij liet zich zelden foppen, de Kuip was zijn domein En bleek slechts af te stoppen door middel van een trein Maar toen 'ie in z'n bed lag, riep hij nog: "Hup, hup, hup Ze kunnen mij niks maken, ik won de Wereldcup"
refr.
Zo een goeie hebben wij nog niet gehad
Als Rotterdam een held zoekt, dan moet 't Coentje zijn Want met z'n grootse daden, versloeg 'ie zelfs Piet Heijn Hij werd de koene ridder, in orde van Nassau Hij heeft sportief gestreden en bleef 't voetbal trouw